DATUMS, PAGINANUMMERS EN WATERMERKEN AFDRUKKEN (STEMPEL)
Overzicht
Met deze functie kunt u informatie op kopieën afdrukken die niet op het origineel wordt weergegeven, zoals de datum of een stempel. U kunt de volgende zes typen informatie afdrukken.
- Datum
- Paginanummer
- Stempel
- Aantal kopieën
- Tekst
- Watermerk
Als stempel of watermerk kunt u bijvoorbeeld de volgende teksten afdrukken: 'VERTROUWELIJK' of 'PRIORITEIT'. U kunt een vooraf ingestelde tekst of willekeurige tekens als tekst afdrukken.
Elk van de bovengenoemde items kan als kop- of voettekst op elk vel worden afgedrukt.
.jpg)
- Wanneer de geselecteerde stempelinhoud van de ene positie de inhoud van een andere positie overlapt, wordt prioriteit toegekend in de volgende volgorde: watermerk, rechterkant, linkerkant, midden. De inhoud die door overlapping wordt verborgen, wordt niet afgedrukt.
- Indien "Kopieën" geselecteerd is, wordt de hoogste prioriteit gegeven aan het afdrukken van kopieën. De volgorde van prioriteit is “Kopieën” → “Paginanummer” → andere afdrukmenu-items.
- Tekst wordt afgedrukt in het vooraf ingestelde formaat, ongeacht de instellingen voor kopieerfactor of papierformaat.
- Tekst wordt afgedrukt met de vooraf ingestelde belichting, ongeacht de belichtinginstelling.
- Afhankelijk van het papierformaat wordt een gedeelte van de afgedrukte inhoud mogelijk afgesneden of verschoven.
Als u de functie [Stempel] gebruikt in combinatie met andere functies:
| Naam van gecombineerde functie | Gemaakte kopieën |
|---|---|
| Kantlijnver- schuiving |
De stempelinhoud wordt samen met de afbeelding verschoven over de breedte van de kantlijn. |
| Tabkopie Centreren |
In tegenstelling tot een kopieerafbeelding die verschuift, wordt de afbeelding afgedrukt op de positie die in de stempel wordt ingesteld. |
| Dubbelzijdige kopie Kaartformaat |
De stempel wordt voor elk kopievel afgedrukt. |
| 2-in-1 | De stempel wordt voor elke origineelpagina afgedrukt. |
| Inbindkopie Boekkopie |
De stempel wordt voor elke pagina afgedrukt bij het samenvoegen. |
| Kaften/Insteekvellen | Gebruik de stempelinstellingen om aan te geven of de stempel moet worden afgedrukt op ingevoegde kaften of invoegvellen. |
Bediening
Plaats het origineel en tik op de toets [Voorbeeld].
Plaats het origineel in de documentinvoerlade van de automatische documentinvoereenheid of op de glasplaat.
Tik op de toets [Overige] en vervolgens op de toets [Stempel].
Tik op het tabblad dat u wilt afdrukken en tik vervolgens op de toets [Indeling].
U kunt de opmaak van het tabblad [Tekst] opgeven met behulp van voorkeurtekst of via het aanraaktoetsenbord.
Wanneer u op het tabblad
Tik op de toets voor de gewenste afdrukpositie.
Tik op een van de toetsen [1] tot [6].

- Als u op de toets [Details] tikt, kunt u de instellingen voor elk tabblad configureren.
- Als u op de toets [Opmaak] tikt, kunt u de afdrukpositie of de gedetailleerde instellingen controleren.
De tekstinstellingen annuleren:
Tik op de toets [Alles annuleren].
Controleer de voorbeeldafbeelding in het voorbeeldscherm.
Controleer of de instellingen de gewenste resultaten opleveren.
Alle instellingen annuleren:Tik op de toets [CA].
Tik op de toets [Starten].
Wanneer u slechts één set kopieën maakt, hoeft u het aantal kopieën niet op te geven.
Twee of meer sets kopieën maken:
Tik op de kopieweergavetoets om het aantal kopieën op te geven.
Instellen met het tabblad [Tekst]
Tik op de toets [Directe Invoer] op het tabblad [Tekst] om het aanraaktoetsenbord te tonen.
Gebruik het aanraaktoetsenbord om eventueel gewenste tekens in te voeren.

De opmaak selecteren uit voorkeurtekst
Als u op de toets [Voorkeurselec.] tikt, kunt u een van de gewenste geregistreerde opmaken selecteren voor het afdrukken.
Als u op de toets [Opslaan/Wissen] tikt, kunt u voorkeurtekst bewerken, wissen of opslaan. Als u voorkeurtekst wilt bewerken of opslaan, gebruikt u het aanraaktoetsenbord.
