DE BELICHTING WIJZIGEN
Overzicht
De belichting kan worden aangepast aan de helderheid van het origineel.
Bij gebruik van de automatische documentinvoereenheid kan de instelling van de belichting niet meer worden gewijzigd als het scannen eenmaal is begonnen. (Als de speciale functie 'Opdracht Samenstel.' of 'Voorbeeldinstelling' bij 'Overige' wordt gebruikt, kan de belichting echter telkens wanneer u een nieuwe set originelen invoert worden gewijzigd.)
Belichtingsinstellingen
| Belichting | Suggestie | |
|---|---|---|
| Automatisch | Bij deze instelling wordt de belichting automatisch aangepast aan lichtere en donkerdere delen van het origineel. | |
| Handmatig | 1-2 | Selecteer deze instelling bij een origineel met donkere tekst. |
| 3 | Selecteer deze instelling voor een normaal origineel (niet licht en niet donker). | |
| 4-5 | Selecteer deze instelling wanneer het origineel uit lichte tekst bestaat. | |
Bediening
Nadat u op de toets [Belichting] hebt getikt, tikt u op de toets [Handmatig].
Pas de belichting aan met de schuifregelaar of
Wanneer [Automatisch] is geselecteerd, wordt de belichting ingesteld op [3].
Na de aanpassing tikt u op
.
