EEN FAX VERZENDEN IN DE INTERNETFAXMODUS

Overzicht

Hiermee wordt een fax in de Internetfaxmodus verzonden. Deze procedure kan ook worden gebruikt voor directe verzending via Directe SMTP.
  • Als het geheugen vol raakt tijdens het scannen van de originelen, wordt een bericht getoond en stopt het scannen.
  • Als alle originelen zijn gescand, worden het bericht 'Opdracht opgeslagen' en het nummer voor de opdrachtregeling weergegeven. Met dit nummer kunt u de opdracht opzoeken in het transactierapport of in het rapport voor beeldverzendingsactiviteiten.
    Als de opdracht een distributieverzending is, wordt het nummer ook op de opdrachttoets getoond in het scherm met de opdrachtstatus. Daarom is het handig om dit nummer te noteren zodat u het resultaat eenvoudig kunt controleren.
  • E-mailvoetnootregistratie: de opgegeven tekst wordt automatisch aan het einde van de inhoud van een e-mailbericht toegevoegd. Dit is handig wanneer u vooraf opgestelde tekst, zoals bedrijfsbeleid, wilt toevoegen. U voert de tekst die u wilt toevoegen in door [Toepassingsinstellingen], [Netwerkscannerinstellingen], [Beheerinstellingen] en vervolgens [E-mailvoetnootregistratie] te selecteren in de instellingsmodus. (Beheerdersrechten zijn vereist.)
    Voer maximaal 900 tekens in. (De toegevoegde tekst telt niet mee voor het maximum aantal tekens dat u kunt typen in het e-mailbericht.)
    Als u wilt opgeven of tekst moet worden toegevoegd, selecteert u [Toepassingsinstellingen] → [Netwerkscannerinstellingen] → [Beheerinstellingen] en vervolgens [Automatisch een voetnoot toevoegen aan de inhoud van het e-mailbericht] in de instellingsmodus.
Als een standaardadres is geconfigureerd via de "Instellingsmodus" door [Systeeminstellingen] → [Instellingen beeld verzenden] → [Scaninstellingen] → [Standaardadres] → [Instelling standaard adres] te selecteren, kan de modus niet worden gewijzigd of kan de bestemming niet worden gewijzigd of toegevoegd.
Als u wilt overschakelen naar de modus Internetfax, tikt u op de toets [Annuleren] in het aanraakscherm en voert u de verzendprocedure uit.

Bediening

Plaats het origineel.
Plaats het origineel in de documentinvoerlade van de automatische documentinvoereenheid of op de glasplaat.
Plaats geen voorwerpen onder de formaatdetector. Het sluiten van de automatische documentinvoereenheid terwijl er een voorwerp onder ligt, kan leiden tot beschadiging van de plaat van de formaatdetector en tot een onjuiste vaststelling van het documentformaat.
  • Plaats het origineel met formaat A5 (5-1/2" x 8-1/2") in staande afdrukstand ().
    Als u deze liggend (horizontaal) plaatst (), wordt een onjuist formaat gedetecteerd.
    Voor een origineel met een formaat van A5R (5-1/2" x 8-1/2"R) voert u het formaat handmatig in.
  • Gedraaid verzenden
  • Originelen met formaat A4, B5R en A5R (8-1/2" x 11" en 5-1/2" x 8-1/2"R) worden 90 graden gedraaid en respectievelijk in de afdrukstand A4R, B5 en A5 (8-1/2" x 11"R en 5-1/2" x 8-1/2") verzonden.
    (Gedraaid verzenden is niet beschikbaar voor originelen met formaat A4R, B5 of A5 (8-1/2" x 11"R of 5-1/2" x 8-1/2").)
Geef de bestemming op.
Het pictogram wordt op snelkeuzetoetsen getoond waaronder internetfaxadressen zijn opgeslagen.
U kunt [Onderwerp], [Bestandsnaam] of [Inhoud] wijzigen door op het invoerveld te tikken of op [Opties].
  • ONDERWERP, BESTANDSNAAM EN PLATTE TEKST OP HET MOMENT VAN VERZENDING VAN EEN INTERNETFAX WIJZIGEN
Tik op de toets [Origineel].
U kunt de belichting, resolutie, bestandsindeling, kleurmodus en andere instellingen wijzigen.
Tik op de toets voor de gewenste afdrukstand.
Wanneer u klaar bent met het invoeren van de instellingen, tikt u op .
Tik op de toets [Start] om het scannen van het origineel te starten.
Tik op de toets [Voorbeeld] om het voorbeeld van een afbeelding te controleren voordat u het origineel verzendt.
  • Als het origineel op de glasplaat is gelegd, wordt de toets [Lezen Klaar] in het aanraakscherm getoond.
    Als het origineel slechts één pagina is, gaat u verder met stap 8. Als u meer pagina's moet scannen, gaat u verder met de volgende stap.
  • Als het origineel in de documentinvoerlade is geplaatst, klinkt er een pieptoon wanneer het scannen is voltooid en wordt het document verzonden.
Als het origineel op de glasplaat is geplaatst, vervangt u het door het volgende origineel en tikt u op de toets [Starten].
Herhaal dit tot alle originelen zijn gescand.
Tik op de toets [Lezen Klaar].
Er klinkt een pieptoon ten teken dat de bewerking is voltooid.
Open de automatische documentinvoereenheid en verwijder het origineel.
  • Als er gedurende één minuut geen actie wordt ondernomen nadat het bevestigingsscherm is weergegeven, wordt het scannen automatisch beëindigd en wordt de verzending gereserveerd.
  • Tik op de toets [Wijzig instel.] om de belichting, de resolutie, het scanformaat en het verzendformaat voor elke gescande origineelpagina te wijzigen.
    Als u '2-in-1' of 'Kaart formaat' selecteert bij Overige, kunt u echter alleen de belichting wijzigen wanneer u een even origineelpagina scant.
Terug naar begin