PROBLEMEN MET DOCUMENTARCHIVERING
Overzicht
Als u niet in staat bent een probleem op te lossen met behulp van de oplossingen in deze handleiding, drukt u op de toets [Aan] en zet u de hoofdschakelaar in de stand '
'. Wacht ten minste 10 seconden en zet dan de hoofdschakelaar in de stand '
'. Wanneer de knipperende Aan-indicator groen brandt, drukt u op de toets [Aan].
Als de achtergrondkleur van de opdrachtstatusweergave in de rechterbovenhoek van het aanraakscherm niet grijs is, mag u de hoofdschakelaar niet uitschakelen en de stekker niet uit het stopcontact halen. Dit zou de harde schijf kunnen beschadigen of kunnen zorgen voor verlies van opgeslagen of ontvangen data.| Probleem | Controleer | Oplossing |
|---|---|---|
DOCUMENT WORDT NIET GEARCHIVEERD |
Hebt u documentarchivering ingeschakeld? | Schakel documentarchivering in. Schakel in de afdrukmodus documentarchivering in op het tabblad [Opdrachtverwerking] van de printerdriver. |
| Zijn er functies die door de beheerder zijn uitgeschakeld? | Controleer dit bij uw beheerder. Sommige functies zijn mogelijk uitgeschakeld in de instellingsmodus. Als gebruikersauthenticatie is ingeschakeld, wordt het gebruik van functies mogelijk beperkt door uw gebruikersinstellingen. |
|
GEARCHIVEERDE GEGEVENS KUNNEN NIET WORDEN AFGEDRUKT |
Zijn er functies die door de beheerder zijn uitgeschakeld? | Controleer dit bij uw beheerder. Sommige functies zijn mogelijk uitgeschakeld in de instellingsmodus. Als gebruikersauthenticatie is ingeschakeld, wordt het gebruik van functies mogelijk beperkt door uw gebruikersinstellingen. |
EEN OPDRACHT KAN NIET WORDEN OPGESLAGEN IN EEN AANGEPASTE MAP |
Worden de aangepaste mappen die door het apparaat zijn aangemaakt, in 'Mapinformatie' weergegeven? (Bij het afdrukken) |
Klik op de knop [Mapnaam opvragen] in het opslagscherm voor documentarchivering van de printerdriver om de aangepaste mappen op te halen die op het apparaat zijn aangemaakt. |
| Heeft de aangepaste map een wachtwoord? | Geef het wachtwoord op dat op het apparaat is geconfigureerd in het opslagscherm voor documentarchivering. | |
EEN OPGESLAGEN BESTAND IS VERDWENEN |
Hebt u op de toets [Afdrukken en gegevens verwijderen] getikt om een opgeslagen bestand af te drukken? | Tik nogmaals op de toets [Afdrukken en gegevens verwijderen] om af te drukken. Als u het bestand afdrukt door op de toets [Afdrukken en gegevens verwijderen] te tikken, wordt het bestand automatisch verwijderd nadat het is afgedrukt. De bestandseigenschap kan worden ingesteld op [Beveiligen], zodat het bestand niet zomaar kan worden verwijderd. |
| Is automatisch verwijderen van documentarchiveringsbestanden ingeschakeld? | Neem contact op met de beheerder van het apparaat als bestanden zijn verwijderd die u nodig hebt. Wanneer [Automatisch verwijderen van bestandinstellingen] is ingeschakeld in de instellingsmodus, worden de bestanden in de opgegeven mappen periodiek verwijderd. (Zelfs bestanden met de bestandseigenschap [Vertrouwelijk] of [Beveiligen] kunnen worden verwijderd.) => 'Instellingsmodus (beheerder)' → [Systeeminstellingen] → [Instellingen documentarchivering] → [Automatisch verwijderen van bestandsinstellingen]. |
|
EEN BESTAND KAN NIET WORDEN VERWIJDERD |
Is de eigenschap van het bestand ingesteld op [Beveiligen]? | Een bestand kan niet worden verwijderd als de eigenschap is ingesteld op [Beveiligen]. Wijzig de bestandseigenschap van [Beveiligen] in [Delen] en verwijder vervolgens het bestand. |
DE EIGENSCHAPVAN EEN BESTAND KAN NIET WORDEN INGESTELD OP [VERTROUWELIJK] |
Staat het bestand in de snelmap? | Verplaats het bestand naar een andere map en stel vervolgens de eigenschap in op 'Vertrouwelijk' . U kunt [Vertrouwelijk] niet opgeven voor een bestand in de snelmap. (U kunt [Beveiligen] opgeven voor een bestand in de snelmap om te voorkomen dat het gemakkelijk wordt verwijderd.) |
EEN VERTROUWELIJK BESTAND OF VERTROUWELIJKE MAP KAN NIET WORDEN GEOPEND |
Hebt u een onjuist wachtwoord ingevoerd? | Controleer dit bij uw beheerder. Als u het wachtwoord bent vergeten, moet u het wachtwoord van het bestand of de map wijzigen in de instellingsmodus. |
EEN BESTANDSNAAM KAN NIET WORDEN OPGESLAGEN OF GEWIJZIGD |
Bevat de naam tekens die niet mogen worden gebruikt in een bestands- of mapnaam? | De volgende tekens mogen niet worden gebruikt in de naam van bestanden of mappen: ? / " ; : , < > ! * & # ¥ | |
EEN AANGEPASTE MAPNAAM KAN NIET WORDEN OPGESLAGEN OF GEWIJZIGD |
Bevat de naam tekens die niet mogen worden gebruikt in een bestands- of mapnaam? | De volgende tekens mogen niet worden gebruikt in de naam van bestanden of mappen: ? / " ; : , < > ! * & # ¥ | |
EEN BESTANDSNAAM IS AFGEKORT |
Is de bestandnaam opgeslagen in de verzendinstellingen bij het verzenden van een scan of internetfax? | Als de naam is opgeslagen in de verzendinstellingen voordat snelbestands- of bestandsinstellingen zijn geconfigureerd, wordt deze naam voor het opgeslagen bestand gebruikt. Als het aantal tekens in de naam het maximum aantal toegestane tekens voor de naam van een snelbestand (30 tekens) overschrijdt, worden alle tekens na het 30e teken weggelaten. |