GEHEUGENVAKKEN VOOR F-CODECOMMUNICATIE OP HET APPARAAT MAKEN

Overzicht

Voordat de F-codecommunicatie kan worden gestart, moet een speciaal geheugenvak worden gemaakt in 'Instellingsmodus'.
Stel de vaknaam en F-code (subadres en wachtwoord) in elk geheugenvak in en sla deze op.
Nadat u een geheugenvak hebt gemaakt, moet u de andere partij op de hoogte stellen van het subadres en de pascode voor F-codecommunicatie.

F-codegeheugenvakken maken:
Selecteer in 'Instellingsmodus' [Systeeminstellingen] → [F-Codegeheugenvak].
Voor de volgende functies zijn geheugenvakken in het apparaat vereist.
Als u de volgende F-codecommunicatiefuncties wilt gebruiken, moeten er op uw apparaat F-codegeheugenvakken worden gemaakt.
  • Vertrouwelijke ontvangst met F-code
  • Navraaggeheugen met F-code
  • Relayontvangst-/distributieverzending met F-code
Voor de volgende functies zijn geheugenvakken in het ontvangende apparaat vereist.
Als u de volgende F-codecommunicatiefuncties wilt kunnen gebruiken, moet het andere apparaat over geheugenvakken beschikken.
  • Vertrouwelijke verzending met F-code
  • Navraagontvangst met F-code
  • Relayontvangstverzending met F-code
Terug naar begin