TWEE APPARATEN GEBRUIKEN OM PARALLEL TE KOPIËREN (TANDEMKOPIE)

Overzicht

Met deze functie wordt een kopieeropdracht gedeeld tussen twee apparaten die op het netwerk zijn aangesloten, zodat de kopieertijd kan worden verkort. Tandemkopie moet zijn ingeschakeld in [Instelling tandemverbinding] van de instellingsmodus.

Mastermachine en client machine
De mastermachine voert het scannen uit en de client machine die bij de mastermachine staat geregistreerd, voert het afdrukken uit zonder het origineel te scannen.
  • Als u deze functie wilt gebruiken, moeten twee apparaten op uw netwerk zijn aangesloten.
  • Er wordt een melding weergegeven wanneer Tandemkopie is ingeschakeld bij gebruik van een functie die wel beschikbaar is in het masterapparaat maar niet in een clientapparaat. Bijvoorbeeld wanneer een zadelsteek-afwerkingseenheid is geïnstalleerd in het masterapparaat maar niet in het clientapparaat:
    • Tandemkopie is ingeschakeld bij het opgeven van kopieën zonder nieten.
    • Tandemkopie is uitgeschakeld bij het opgeven van kopieën met nieten.
  • Als de mastermachine of de client machine geen papier meer heeft, zal het apparaat dat geen papier meer heeft de opdracht in de wacht zetten, terwijl het apparaat dat nog wel papier heeft zal doorgaan met de opdracht.
  • Als u de gebruikersauthenticatie-instellingen hebt geconfigureerd, is Tandemkopie mogelijk niet ingeschakeld, afhankelijk van de authenticatie die gespecificeerd is voor de master- en clientapparaten.
    • Tandemkopie wordt ingeschakeld als gebruikersauthenticatie is opgegeven in het hoofdapparaat.
    • Tandemkopie wordt uitgeschakeld als gebruikersauthenticatie is opgegeven in de client machine maar niet in de mastermachine.
  • Als een oneven aantal sets wordt gemaakt, gaat één set naar het hoofdapparaat.
Tandemkopie gebruiken:
Selecteer in 'Instellingsmodus (beheerder)' [Systeeminstellingen[Apparaatbeheer][Instelling tandemverbinding].
  • De IP-adresinformatie van het clientapparaat moet in het masterapparaat geregistreerd zijn. Voor het poortnummer kunt u het beste de oorspronkelijke instelling gebruiken (50001). Verander het poortnummer niet, tenzij u problemen ondervindt met deze instelling. De netwerkbeheerder moet de instelling van de tandemverbinding configureren. Configureer als de mastermachine en de client machine van rol wisselen, het IP-adres van de mastermachine in de client machine. Hetzelfde poortnummer kan voor beide apparaten worden gebruikt.
Tandemverzending of -ontvangst blokkeren:
Selecteer in 'Instellingsmodus (beheerder)' [Systeeminstellingen[Apparaatbeheer][Instelling tandemverbinding].
  • Als u tandemverzending wilt blokkeren, schakelt u [Master-machinemodus uitschakelen] in.
  • Als u tandemontvangst wilt blokkeren, schakelt u [Uitschakelen van Client Machinemodus] in.

Bediening

  1. 2

    Plaats een origineel en tik op de toets [Voorbeeld]

    Plaats het origineel in de automatische documentinvoereenheid of op de glasplaat.
    Als u de glasplaat gebruikt voor het scannen van meerdere origineelpagina's, moet u het origineel wijzigen en op de toets [Extra scan] tikken.
  2. 2

    Tik op de toets [Overige] en vervolgens op de toets [Tandemkopie]

    Wanneer u klaar bent met het invoeren van de instellingen, tikt u op de toets [Vorige].
    De instelling voor tandemkopie annuleren:
    Tik op de toets [Tandemkopie] om het vinkje te wissen.
  3. 2

    Tik op de kopieweergavetoets om het aantal kopieën op te geven

    U kunt maximaal 9999 kopieën (sets) instellen. Het opgegeven aantal kopieën wordt tussen de mastermachine en de client machine verdeeld. Als het een oneven aantal kopieën betreft, zal de mastermachine meer kopieën maken dan de client machine.

    Als een verkeerd aantal kopieën is ingesteld:
    Tik op de toets [C] en voer vervolgens het juiste aantal in.
  4. 2

    Controleer de voorbeeldafbeelding in het voorbeeldscherm

    Alle instellingen annuleren:
    Tik op de toets [CA].
  5. 2

    Tik op de toets [Start] om het kopiëren te starten

    Tandemkopie annuleren:
    Tik op de toets [STOP] op zowel de mastermachine als de client machine.
Terug naar begin